Trots zijn
Een mens mag trots zijn op zich zelf en op anderen. Trots is een gedachte waaruit een kracht wordt geïnitieerd en gevoed door het ego in de persoonlijkheid van de mens. Trots kan een oerkracht zijn dat een mens staande houdt, in het overleven. Echter een mens die Leeft, kent trots en heeft trots niet meer nodig.
Trots is een gedachte en is een begoochelde illusie tegelijktijdig. Trots geeft een goed en vaak tijdelijk voldaan gevoel. Trots op bepaalde behaalde resultaten van zich zelf of anderen, trots om druk te zijn, trots als bescherming van het ego. Het is een gedachte en tevens een val waarin de mens gevangen kan geraken. Op den duur komt er een gewenning aan trots-zijn, waardoor de mens naast mentaal, ook astraal en emotioneel gevangen is geraakt in het lagere concrete denken en (on)bewust bestaansrecht aan ontleent in de denkgeest van deze mens. Trots wordt een bestaansrecht en vaak wordt dat verward met de term ego. Mensen met een sterk ego zijn vaak trots op zich zelf.
Trots zet de mens gevangen en weerhoudt verandering
Trots, maar ook angst, vrees, stress en druk leidt tot gevangenschap. Deze gevangenschap is een zelf gemaakte werkelijkheid, die kosten wat het kost moet worden verdedigd met strijd en waarmee deze mens zich Zelf buitenspel zet van de Realiteit en de werkelijkheid. Trotse mensen voelen zich snel aangevallen en moeten hun trots, hun gedachtengoed, “ongeacht wat het kost”, verdedigen.
Trots weerhoudt en vergrendelt de mens om stappen te ondernemen om zich Zelf uit die zelf gemaakte gevangenschap te ontsnappen. Het niet willen (her)zien van deze verdraaide koude feiten en het niet willen zien van de Ware Werkelijke feiten is het in standhouden van eigen trots en Zelf-belang dat tevens de blokkade is om uit deze zelf gemaakte gevangenschap van gedachtes te geraken. Deze astrale en emotionele concrete zelf gemaakte gedachten en wereld als een gevangenis, leidt tot zich afsluiten van wat werkelijk de essentie is. De mens leeft in afgescheidenheid en zet zich Zelf en God buitenspel.
Positie van de mens op het evolutie pad
In de gedachtewereld van de mens kan de mens (on)bewust een positie innemen. De mens heeft hierin een vrije keuze. Vaak gebeurt het innemen van een positie onbewust als gevolg van het gevormde, vervormde zelfbeeld van de mens door de aangenomen sociale identiteit in combinatie met de interactie van de mens op dat wat aandient. In dat geval wordt de positie (on)bewust aangepast met als gevolg het daaruit voortkomende gedrag om deze positie op te eisen, te versterken, te bekrachtigen en te bewaken binnen het eigen gecreëerde beeld.
Zaken zoals ego, roem, status, eer, trots, toorn, frivoliteit, illusie, jaloezie, bekordingen, begeerte, hebzucht, begoocheling en kwaad (gevoed vanuit haat), blijken leidend voor deze mens te zijn om het eigen Zelf te verbloemen en te misleiden, en tevens het eigen zelfbeeld en wereldbeeld passend en sluitend te maken desnoods met strijd. Deze mens is gevangen in de Grote Illusie.
Trotseren van trots is de eerste stap naar zich Zelf
De eerste stap in de verandering van de mens, is om als eerste de eigen trots te moeten worden doorbroken : ‘De mens mag op de knieën gaan om zich zelf in de ogen te kijken‘. Al dit zal moeten worden getrotseerd om anders ermee om te gaan om een stap te zetten zich Zelf te ontketenen van gedachten, verplichtingen, illusies, begoochelingen en vereenzelviging met de materie.
Trots is een noodzaak voor overleven en net als pressie, stress en druk, leidt trots tot niets : het weerhoudt de groei van de mens. Geestelijke groei ontspruit van binnen uit de zich ontwikkelende Ziel van de mens. In en vanuit het Brandpunt van de Ziel werkt de Wet van Aantrekking en Afstoting. Elk geïncarneerd mens heeft als doel te evolueren, te ontwikkelen, te ervaren en te groeien tot dat wat de geïncarneerd mens hier op planeet Aarde brengt. Op de levensweg van de mens wordt het Benodigde aangetrokken om tot ontwikkeling, ervaring en groei te komen.
Trots, pressie, stress, druk,, haat en rancune kan de tot uitdrukking gekomen persoonlijkheid misvormen. Echter pressie, stress, druk, trots, haat, rancune stimuleert nooit de groei van de mens. Zelfs druk die wordt uitgeoefend in onderwijs en opvoeding van kinderen is slechts negatief nuttig in de zin dat rampzalige ervaringen kunnen helpen te voorkomen.
Bereidheid en bereidwilligheid om in Gemeenschap met het Geheel, met de Vader, met God, met het Geestelijke te zijn, is het grootste verlangen van de mens. Het is trotseren van de eigen persoonlijkheid, om het Zelf te ruimte te geven om tot Volkomen Zelfheid te komen. God vermoorden is zo makkelijk voor de mens gericht op de materie, en dat leidt tot de zekerheid van disbalans en uiteindelijk de dood. Het is het maken van de keuze om en de bereidheid en bereidwilligheid om de eerste stap te zetten om eerlijk naar zich Zelf te zijn en vervolgens zich Zelf en God te gaan zoeken : het is trotseren van het eigen ego om zuiver, eerlijk naar zich Zelf te kijken.
Vernietiging van trots, angst en vrees
Trots, angst en vrees leidt tot ketenen en gevangenschap van gedachten, emotionele beperkingen en leidt uiteindelijk tot lijden door de mens. Trots weerhoudt de mens om de trots, angst en vrees te doorbreken en staat grotendeels de evolutie van de mens in de weg. De mens in deze zal door de knieën moeten om deze angsten en vrees onder ogen te zien, te trotseren, weten hoe ermee om te gaan en op te lossen. Dit kan een vrijwillige keuze zijn van de mens, echter soms wordt de mens gedwongen door het Geheel op de knieën te gaan en dan vormt zich vaak een crisis in de mens. Deze mogelijkheid van Kosmische Zelf-vernietiging vanuit de Eerste Straals Energie is niet te vermijden en geldt voor elk Wezen. Als de evoluerende persoonlijkheid van de mens in ontwikkeling waarlijk vrij moet zijn in het uitoefenen van zijn eindige wil, dan is de mogelijkheid om (een deel van) de persoonlijkheid te vernietigen, niet te vermijden voor deze mens. Keuzevrijheid of niet, Het Geheel maakt in deze de keuze voor het beste voor deze mens.
Trotseren en het vernietigen van het kwaad
De duistere krachten van het kwaad zijn er en het is aan de mens deze krachten te trotseren en er vrij van te worden. Als mens zal het goed doen dit te erkennen dat deze krachten bestaan, echter de mens kan alleen zorgen dat niets in zich heeft qua duistere, donkere krachten en energieën. Het gevaar is namelijk dat de mens een brandpunt van de pogingen van de zwarte loge wordt of een werktuig van het verspreiden van deze donkere, duistere energie van kwaadheid, afgescheidenheid, vrees, hebzucht, macht, toorn en trots. Het gaat in deze om de zuivere intentie van de mens dat leidend is dat zorgt dat de mens van goede wil dit kwaad buiten zich houdt.
Betrouwbare Geestelijke Kracht : Geheimnisvolle Mentor, de Gedachtenrichter
Door de machtige en ontzagwekkende kracht van trots en valse vrees heeft de primitieve religie de bodem van het menselijk verstand gereedgemaakt voor de schenking van een betrouwbare Geestelijke Kracht van Bovennatuurlijke Oorsprong : de Gedachtenrichter. De Gedachtenrichter is de Goddelijke Ouder van je Werkelijke Zelf, je Hogere, vorderende Zelf, je betere morontiale en toekomstig Geestelijke Zelf. Slechts in de Geestelijke zin is de mens een Kind van God. Dit klopt daar de mens in zijn huidige staat slechts in Geestelijke zin wordt begiftigd door, en inwoning geniet van de Paradijs-Vader : een deel van de Persoonlijkheid God Zelf is de Gedachtenrichter. De Goddelijke Gedachtenrichters hebben zich sindsdien immer ingespannen om de vrees voor God om te vormen tot liefde voor God. De evolutie van de mens en Mensheid moge dan langzaam gaan, echter de evolutie is feilloos doeltreffend.
Alle fysische vergiften hebben een sterk remmende werking op de pogingen van de Gedachtenrichter om het materiële bewustzijn van de mens te verheffen, terwijl de mentale vergiften zoals vrees, angst, boosheid, trots, afgunst, jaloezie, achterdocht en onverdraagzaamheid, de Geestelijke vooruitgang van de evoluerende Ziel eveneens enorm tegenwerken, zo niet tot stilstand brengen met disbalans en waarschijnlijk ziekte en uiteindelijk de dood tot gevolg.
De voorbijgaande, steeds wisselende emoties van vreugde en verdriet zijn hoofdzakelijk zuiver menselijke, materiële reacties op de innerlijke psychische klimaat en de uiterlijke materiële omgeving van de mens. Reken er daarom niet op dat de Gedachtenrichter troost biedt en bemoediging zal geven waarnaar de mens als zelfzuchtig sterveling verlangt. De taak van de Gedachtenrichter is de mens voor te bereiden op het Eeuwige avontuur, de overleving van deze mens zeker te stellen van het Eeuwige Leven. Het is niet de missie van deze Geheimnisvolle Mentor om verstoorde gevoelens glad te strijken of de gekrenkte trots te strelen. Wat de aandacht van de Gedachtenrichter heeft en diens tijd in beslag neemt, is het voorbereiden van de Ziel op de lange opklimmingsloopbaan.
De Gedachtenrichters zouden de emoties van trots, angst en vrees graag willen veranderen in gevoelens van het Liefdes Beginsel en vertrouwen. De Gedachtenrichters kunnen zoiets echter niet werktuiglijk en eigenmachtig doen : dit is immers de taak als mens op de levensweg om uiteindelijk tegen over de Gedachtenrichter te komen zitten en God gelijk, Goddelijk te worden. De mens zelf zal eerst zelf moeten schenken voordat God schenkt. De mens zal de eerste stap moeten zetten en dat begint vaak met het trotseren van trots.