Er bestaat in het bewustzijn van God, de Universele Vader een Goddelijk Plan dat ieder schepsel in al zijn ontzaglijke domeinen omvat, en dit Plan is een Universeel, Eeuwig en Oneindig voornemen van Onbegrensde kansen, Onbeperkte vooruitgang en Leven zonder einde. Het Goddelijk Plan en de Schepping zijn het Koninkrijk Gods.
De Universele Vader heeft zichzelf als het ware uitgestort om de ganse Schepping rijk te maken door het bezit van Persoonlijkheid, Zijn Zelfheid en door potentiële Geestelijke verworvenheden.
God heeft ons zijn Zelfheid gegeven, opdat wij zouden kunnen zijn zoals Hij Zelf is, zoals Zijn Zelfheid is
Voor zich Zelf heeft Hij alleen die Kracht en Heerlijkheid voorbehouden, die noodzakelijk zijn voor de handhaving van de dingen uit Liefde waarvoor Hij aldus van al het andere afstand heeft gedaan.
God is vrij en vanuit Liefde laat Hij Zijn Zonen vrij
Het ervaren en kennis van nemen van de oneindige schatten van zulk een weergaloze levensweg om vanuit primair dierlijk bestaan op te klimmen naar het Geestelijke en zelfs tot het Godgelijk, het Goddelijke, behoren elk sterfelijk schepsel alle toe. Echter alleen onder de voorwaarde dat de mens ernaar wilt streven vanuit keuzevrijheid!
Keuzevrijheid
De persoonlijkheid van de mens heeft het voorrecht dat zij uit eigen wil mag kiezen om zich met de Werkelijkheid te identificeren, en wanneer dit een echte, vrije keuze is, dan moet de persoonlijkheid in ontwikkeling ook de keuze kunnen maken om zich zelf in verwarring te brengen, zich zelf te ontwrichten, zich zelf te vernietigen en eigen gezondheid op het spel lijken te zetten. Deze mogelijkheid van Kosmische Zelf-vernietiging vanuit de Eerste Straals Energie is niet te vermijden en geldt voor elk Wezen. Als de evoluerende persoonlijkheid van de mens in ontwikkeling waarlijk vrij moet zijn in het uitoefenen van zijn eindige wil, dan is de mogelijkheid om (een deel van) de persoonlijkheid te vernietigen, niet te vermijden voor deze mens. Keuzevrijheid of niet, Het Geheel maakt in deze de keuze voor het beste voor deze mens.
Geestelijke begiftiging en dienstbetoon
De Tegenwoordigheid van de Heilige Geest van de Universum-Dochter van de Oneindige Geest vanuit de Derde Bron en Derde Straal Energie, van de Geest van Waarheid van de Universum-Zoon van de Eeuwige Zoon vanuit de Tweede Bron en Tweede Straal Energie, en van de Gedachtenrichter-Geest van de Paradijs-Vader vanuit de Eerste Bron en Eerste Straal Energie in of bij een evolutionaire opklimmende sterveling, wijst op de symmetrie van Geestelijke begiftiging en dienstbetoon, en stelt zo’n opklimmende sterveling in staat om bewust het geloofsfeit van het Zoonschap bij God te beseffen.
Goddelijke Geest daalt af om de mens te helpen zich Zelf te Verheffen
Vanuit de hoogten der Eeuwige Heerlijkheid daalt de Goddelijke Geest een lange reeks van treden af, om de mens als opklimmende sterveling tegemoet te komen, zoals de mens is en waar de mens, en om dan in het partnerschap van het geloofsvertrouwen de Ziel van sterfelijke oorsprong Liefdevol te omhelzen en langs de treden van minzaamheid de veilige en zekere terugkeer te aanvaarden, nimmer aflatend totdat de evolutionaire Ziel veilig is Verheven is tot de Hoogten van Gelukzaligheid vanwaar de Goddelijke Geest Oorspronkelijk was uitgetogen op deze missie van Oprechtheid, Barmhartigheid en dienstbetoon.
Geestelijke Krachten zoeken en bereiken feilloos hun eigen niveau van Oorsprong. Uitgegaan van de Eeuwige, zullen deze Geestelijke Krachten zeker daarheen terugkeren en alle kinderen uit tijd en ruimte met zich meevoeren die de leiding en het onderricht van de inwonende Gedachtenrichter hebben aangenomen, zij die waarlijk ‘geboren zijn uit de Geest,’ de Geloofszonen van God.